Samen met voorzitter Jos Brinkman en Willem Schepers uit Roden vormt Jeroen van der Kolk het trio parcoursbouwers tijdens het concours van Het Twentse Ros. Sinds hij vier jaar geleden de cursus bij de KNHS succesvol afsloot, staat de loopbaan van de 55-jariger Gorenaar als ruiter op een laag pitje.
“Tegenwoordig rijd ik nog soms een wedstrijdje over 1,10 meter mee. Voor de leuk. Dat is parcoursbouwen ook, dat vraagt alleen wel veel tijd. Je moet parcoursen uitstippelen en de dag voor een concours bouw je alles op. Je bent in die rol van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat aanwezig.”
Voor Jeroen van der Kolk is Jos Brinkman een prima leermeester. “Dat was hij al toen ik op mijn 35ste de commandocursus ging volgen, de eerste stap om instructeur te kunnen worden.”
Het concours van het Twentse Ros is een van zijn favoriete wedstrijden. “Iedereen rijdt daar om te winnen. Er hangt altijd een gezellige sfeer en er komen veel mensen kijken op een prachtige locatie. Dat was in het verleden al zo, toen het evenement bij Kemna in Zenderen werd verreden en daarna ook in Geesteren. Het is een gemoedelijke vereniging, een kleine en heel hechte club.”
Vloeiende lijnen
Vooralsnog mag Jeroen van der Kolk met zijn diploma parcoursen ontwerpen tot en met een hoogte van 1,35 meter. Gevraagd naar wat een goed traject is voor de deel nemers antwoordt hij: “Het is belangrijk om vloeiende lijnen te krijgen, zodat het lekker loopt. Zeker op mijn niveau is het allemaal nog niet zo spannend. Het is een kwestie van leren aanvoelen en balanceren met de mogelijkheden die je hebt. Tot een meter hoogte gaat het vooral om de rijstijl, dat zijn dan vaak jonge ruiters en paarden. Pas over 1,10 meter komt er een slootje bij en pas over 1,20 meter staat er een driesprong in de ring. Die moet relatief gemakkelijk zijn, omdat het dan sowieso al wat meer een opgave wordt. Voor mij is het geslaagd als het parcours in de praktijk zo loopt als je het bedoeld hebt.” De vraag is wanneer voor hem een wedstrijd geslaagd is. “Als het parcours in de praktijk zo loopt als je het vooraf bedacht hebt.”
Uit zijn eigen tijd als ruiter bewaart hij de mooiste herinneringen aan het WK voor militairen, dat in 1995 in Rome werd gehouden. “Daar reed ik met Rocksand, toentertijd een heel fijn paard. In de landenwedstrijd ging het niet zo goed. Individueel had ik een balk en een tijdfout over de twee omlopen. Maar het was een geweldige ervaring.”
Jeroen van der Kolk begon zijn sportloopbaan als dertienjarige bij De Zeven Buurtschappen in Ambt-Delden. Zijn eerste baan als ruiter en groom vind hij bij Jochen Munsterhuis in De Lutte. “Ook Tom Brinkman werkte daar nog een paar maanden. Fijne mensen om mee te werken. Sinds de zomer van 2017 was hij met veel plezier in dienst bij De Sjiem van Jeroen Dubbeldam. “Ook daar heb ik veel geleerd en reed ook Sjaak Sleiderink. Echt een talent, dat je op elk paard kon zetten.”















